Ontleden van een probleem en aanvullende informatie zoeken.
Samenwerken om tot een gezamenlijk resultaat te komen.
Gedrag of werkwijze gemakkelijk aanpassen aan veranderende situaties en verschillende personen.
Een standpunt innemen en actie ondernemen.
Handelen in overeenstemming met de waarden en normen van de organisatie.
Acties ondernemen om je functioneren te verbeteren.
Algemeen aanvaarde normen volgen.
Doelen en prioriteiten bepalen en aangeven hoe ze te bereiken.
Taken uitvoeren zonder ondersteuning of toezicht van anderen.
Ontwikkelen van nieuwe producten, diensten, processen en structuren.
Efficiënt blijven functioneren onder sterke druk, in moeilijke situaties of bij tegenslag.
Respectvol opkomen voor je eigen mening.
Informatie en ideeën schriftelijk of mondeling overbrengen.
Meningen en hun gevolgen tegen elkaar afwegen aan de hand van relevante criteria.