Ontleden van een probleem en aanvullende informatie zoeken.
Informatie en ideeën schriftelijk of mondeling overbrengen.
Aandacht hebben voor gevoelens en behoeften van anderen en er gepast op reageren.
Gedrag of werkwijze gemakkelijk aanpassen aan veranderende situaties en verschillende personen.
Taken uitvoeren zonder ondersteuning of toezicht van anderen.
Samenwerken om tot een gezamenlijk resultaat te komen.
Een standpunt innemen en actie ondernemen.
Rekening houden met de wensen en behoeften van klanten en hiernaar handelen.
Aandacht hebben voor kwaliteit en fouten voorkomen.
Efficiënt blijven functioneren onder sterke druk, in moeilijke situaties of bij tegenslag.
Meningen en hun gevolgen tegen elkaar afwegen aan de hand van relevante criteria.